stichting URANTIA nederlandstalig

 

De laatste nieuwsbrief:

Nieuwsbrief maart 2019

Abonneer u op de nieuwsbrief

U kunt zich gratis abonneren op onze nieuwsbrief.

Diepgaande studie van het Urantia Boek in studiegroepen

Dit artikel is een vertaling van George Michelson — Duponts “Étude approfondie du Livre D'Urantia en groupe d'étude” welke is vertaald door Ensemble Traduit.

De geschiedenis van de Urantia beweging

De geschiedenis van de Urantia beweging is een vertaling van A History of the Urantia Movement door Dr. William Sadler, vertaald door Mw. R. Hanekroot.

What is the New Philosophy of Living Project?

Het “Project Nieuwe Levensfilosofie” (ook wel Project 2:7.10, naar citaat (43.3) 2:7.10 uit het Urantia Boek), betreft een explorerend artikel om een nieuwe levensfilosofie te construeren.

Originele Concepten in het Urantia Boek

Waarin onderscheidt het Urantia Boek zich? Vanwege de 64 concepten en doctrines die nieuw en origineel zijn zoals gepresenteerd in het Urantia Boek en meer.

Korte samenvatting van filosofie in het Urantia Boek

Een overzicht van een verkennende studie door Dr. Jeffrey Wattles in een vertaling van Bert Volkers.

De Alziel van de schepping

De onderstaande tekst is de rede die Marcel Peereboom heeft gehouden op 21 augustus 2014 in Groot Kievitsdal, Baarn, tijdens de jaarlijkse bijeenkomst die als thema “De Ziel” had.

 

Slide 1: De Alziel van de schepping

Dames en heren, goedemiddag,

Ik hoop dat u de koffie goed is bekomen en dat u zin heeft in deze laatste verhandeling, zo voor de pauze. Allereerst wil ik de voorgaande sprekers bedanken voor hun uiteenzettingen over de ziel. Zij hebben hiermee de weg voor mij voorbereid die ik nu met u wil gaan.

Introductie

Slide 2: Doel

De weg die ik met u wil gaan, staat in het programma. Maar het zal u ongetwijfeld gaandeweg gaan opvallen dat ik bij het bewandelen van deze weg, maar weinig zal verwijzen of citeren uit verhandeling 117:5. Daarom moet ik u iets over vertellen voordat ik verder kan. De eerste term in het programma is “fish-eye lens”.

Slide 3: Fotolens

Wie van u doet er aan fotografie? In de fotografie bepaalt de lens van de camera wat je kan zien. En wat je dus kunt fotograferen. Een kenmerkende eigenschap van een lens is ook dat wat je ziet heel duidelijk is afgekaderd. De meeste fotolensen maken de kaders van wat je wilt zien steeds kleiner door in te zoomen op het te fotograferen onderwerp. Hoe groter het aantal milimeters van de lens, hoe meer er kan worden ingezoomed. Het werkt ook de andere kant op: hoe minder milimeters, des te groter (en breder) wordt het kader van de afbeelding. Voor breedte-foto’s maakt men gebruik van een zgn. groothoek lens. Deze lens maakt het mogelijk een breder perspectief te fotograferen dan met andere lenzen. Dit type lens wordt vaak gebruikt voor landschaps foto’s. Maar het wijdere perspectief dat dit type lens biedt, is soms nog niet genoeg. Daarom is er een ander type lens dat een nog breder perspectief kan vastleggen dan een groothoeklens: een fish-eye lens. Het nadeel van een fish-eye lens is echter dat het te fotgraferen beeld een weidse drie demesionale omgeving is, terwijl het uiteindelijke resulataat op een klein twee dimesionaal stukje papier terecht komt. Het kan dan ook niet anders dan dat het gefotografeerde plaatje (soms ernstig) vervormt.

Wat ik u ga vertellen is vergelijkbaar: ik wil u een weids perspectief bieden, maar ik moet daarvoor de werkelijkheid wel vervormen. Maar hierbij beroep ik mij graag op het Urantia Boek:

Slide 4: De relativiteit van begripskaders

zie “De relativiteit van begripskaders in “Verhandeling 115, De Allerhoogste”. [Ref. 01]

Zie ook de tweede alinea van het voorwoord waarin iets staat over de moeilijkheid van taal.

Het kosmisch perspectief van de ziel dat ik u wil tonen is derhave vervormd. Oftewel: alles wat ik zeg mag met een korreltje zout genomen worden.

Dan: “vanuit de oneindigheid naar het eindige”. Daarover gaan de volgende slides. Want daarvoor moeten we eerst het antwoord op de vraag “wat is ‘De Alziel van de schepping’”? eigenlijk beantwoorden. Het Urantia Boek is daarover klip en klaar:

Slide 5: De Alziel van de schepping

De grote Allerhoogste is de kosmische alziel van het groot universum. [Ref. 02]

Punt. En daarmee zou ik feitelijk klaar zijn met deze lezing. Maar dan doe ik iedereen hier tekort. En als ik dan inzoom op deze definitie kijk, komen er gelijk drie vragen op.

Slide 6: De Alziel van de schepping

Deze zijn:

  • Wie is “God de Allerhoogste”?
  • Wat is “de kosmische alziel”?
    (Wat is de functie en de essentie ervan? Hoe werkt het?)
  • Wat is “het groot universum”?

Wat is “het groot universum”?

Om met het laatste en het makkelijkste te beginnen lezen we hier de definities uit het voorwoord.

Slide 7: Het groot universum

De zeven evoluerende superuniversa, tezamen met het centrale, goddelijke universum, worden door ons gewoonlijk aangeduid als het groot universum; dit zijn de scheppingen die thans georganiseerd en bewoond zijn. ...

Slide 8: Het meester universum

... Deze maken alle deel uit van het meester-universum, dat tevens de nog onbewoonde maar reeds in beweging komende universa der buiten-ruimte omvat. [Ref. 03]

Zijn er vragen over deze definitie?

Wat je dus over de Allerhoogste kunt zeggen, is: “De grote Allerhoogste is de kosmische alziel van de thans georganiseerde en bewoonde schepping.”

Wie is “God de Allerhoogste”?

Slide 9: God de Allerhoogste

We gaan nu aan de moelijkere begrippen beginnen. En ik wil u op voorhand waarschuwen: in minder dan een haf uur moeten vertellen wie (of wat) God de Allerhoogste is (volgens de teksten uit het Urantia Boek), is wel beschouwd eigenlijk niet mogelijk. Daar zou eigenlijk een hele Urantia-dag aan kunnen worden gewijd.

Wie is “God de Allerhoogste”? Om deze vraag te kunnen beantwoorden moet ik eerst terug naar het voorwoord. [Ref. 04]

Als je dit leest, snappen we dus niet zo veel van de verschillende godheden, waarvan God de Allerhoogste er ook een is. (Als je het mij vraagt, is het begrip van “De Allerhoogste” ook één van de grote openbaringsideeën van het Urantia Boek.) Verder wordt er met name in de verhandelingen 115 t/m 118 heel veel uitgelegd over de Allerhoogste. [Ref. 05]

Deze verhandelingen worden door veel lezers gezien als één van de moeilijkste van het Urantia Boek. Maar voor een goed begrijpen van de Allerhoogste is het van belang om de “Genesis” goed te begrijpen.

In den Beginne

Slide 10: Genesis (1)

[Ref. 06] Nog voor het begin begon te beginnen bestond de totale ongekwalificeerde oneindigheid als een ongedifferentieerde statisch-dynamische, potentieel-actuele IK BEN. En door uitoefening van zijn inherente, eeuwige vrije

Slide 11: Genesis (2)

wil werd de IK BEN

Slide 12: Genesis (3)

de Vader van de Eeuwige Zoon en de Schepper van Paradijs Eiland; de Zoon als volmaakte, finale uitdrukking van het ‘eerste’ persoonlijke (of vergoddelijkte), absolute denkbeeld van de Universele Vader – zie (73.1) 6:0.1); het Paradijs als het ‘eerste’ niet-persoonlijke (of onvergoddelijkte), absolute denkbeeld van de Universele Vader.

Hiermee wordt de eerste scheiding gemaakt tussen “Het Vergoddelijke” (zeg maar ‘persoonlijkheid’; de ‘IK’) en “Het Onvergoddelijkte” (zeg maar ‘energie’; de ‘BEN’, het ‘Zelf’). Dit brengt een absolute goddelijkheidsspanning teweeg die wordt gecompenseerd door het ontstaan van de Oneindige Geest. Hiermee is de actualiteit van Godheid vervuld; En deze actualiteit bestaat uit de Vader-IK BEN (die zowel actueel als potentieel, Zuivere Geest en Zuivere Energie is), een “Patroon-Persoonlijkheid” (de Eeuwige Zoon) een “Patroon-Energie” (het Paradijs Eiland) en een Absolute Geest die van beide patronen kan scheppen, kan creëren (de Vereend Handelende Geest). Maar waarmee valt er te scheppen? Alsof de bakvormen (sjablonen) in een grote keuken waar de oven aanstaat, klaar staan voor het maken van koekjes en andere lekkernijen en je tot de conclusie komt dat je geen bloem, boter en suiker hebt! Wat heb je aan een sjabloon als er niets is om kopieën mee te maken? De hele schepping moet nog geschapen worden; die is nog (lang) niet tot stand gekomen; die is nog niet actueel. Daarom is alles wat nog niet is, potentieel. En in en met en door de Vader-IK BEN ontstaan er drie absolute bronnen waaruit geschapen kan worden. En deze absolute bronnen van potentialiteit van de Godheid ondergaan eenzelfde opsplitsing als die van de actualiteit.

Terwijl de Vader ongekwalificeerde persoonlijkheid is in de Zoon is Hij tevens gepotentialiseerde persoonlijkheid in het Godheid-Absolute.

De Vader is energie geopenbaard in Paradijs-Havona en tegelijkertijd energie verborgen in het Ongekwalificeerd Absolute.

De Oneindige wordt immer ontsluierd in het onophoudelijk handelen van de Vereend Handelende Geest, terwijl hij eeuwig functioneert in de compenserende doch verhulde activiteiten van het Universeel Absolute. En daarmee is de totale ongekwalificeerde oneindigheid “opgedeeld” in zeven absoluten. (“Opgedeeld” is in dit geval een vreemd woord, daar Godheid zich kenmerkt door kwaliteit van eenheid; Oh, onmogelijkheid van taal en denken!) [Ref. 07]

Slide 13: De Zeven Absoluten

Zo is de ongekwalifiseerde oneindigheid verdeeld in zeven absoluten over twee assen; in twee dualiteiten: vergoddelijkt ( onvergoddelijkt (lees: geest/persoonlijkheid versus energie) en actueel ( potentieel.

Vervolgens onstaat er nog een tweede opsplitsing. Wie weet welke ik bedoel?

Slide 14: Werkelijkheidsniveaus

Met het verschijnen van de Oneindige Geest komt ook Havona tot aanzijn. En hoewel de Oneindige Geest één der zeven absoluten is, is Havona dat niet. Het is welliswaar een volmaakt geschapen universum maar niet één der Zeven Absoluten. Havona is derhalve een sub-absoluut gegeven. En daarom is de consequentie van het verschijnen Havona dat er in de totale ongekwalificeerde oneindigheid (die inmiddels dus gekwalificeerd is in zeven absoluten) naast het absolute nu ook het sub-absolute ontstaat (denk aan tijd en ruimte).

Als we dus de totale werkelijkheid bezien, worden er twee niveaus van werkelijkheid onderkend: [Ref. 08]

  • Het absolute niveau
  • Het sub-absolute niveau

Op het sub-absolute niveau bestaan er twee werkelijkheden:

  • Absoniete werkelijkheid
  • Eindige werkelijkheid

Het eindige kenmerkt zich niet zo zeer door een mogelijk einde van zijn; nee, het eindige kenmerkt zich doordat het geschapen is => het kent dus een begin; het heeft een oorsprong. En deze oorsprong is altijd een gevolg van een creatieve scheppingsdaad van een schepper. Het eindige is ook door tijd & ruimte begrenst.

Het Absoniete kenmerkt zich doordat het geen begin of einde kent: “zij resulteren – zij zijn er eenvoudigweg”. (Dit is ook weer zo’n typisch “openbaringsbegrip”.) En door het transcenderen van tijd en ruimte.

Het Absolute kent ook geen begin of einde, maar “resulteert” ook niet. Hetis existentieel en staat buiten tijd en ruimte. [Ref. 09]

Slide 15: Drieënigheden

Nu moet ik even een terzijde maken in de richting van drieënigheden voordat ik verder kan met mijn verhaal. In het Urantia Boek wordt beschreven dat er binnen de zeven absoluten betrekkingen bestaan tussen drie absoluten (als functionele eenheid): de drieënigheden. Maar van de drie is De Vader altijd het primaire lid. En zo zijn er dus er zeven drieënigheden. [Ref. 10]

Slide 16: Trioditeiten

Maar wat voor dit verhaal het belangrijkste is, zijn de twee drieënigheden waarvan De Vader geen lid is. Deze worden “Trioditeiten” genoemd. [Ref. 11]

De eerste trioditeit bestaat uit de De Eeuwige Zoon, het Paradijs-Eiland en de Vereend Handelende Geest. Uit deze drieënige associatie resulteert de coördinatie van de totale som der geactualiseerde werkelijkheid – geestelijke, kosmische en mentale. Deze is onbeperkt in actualiteit. [Ref. 12]

De tweede trioditeit bestaat uit de drie absoluten van potentialiteit. Door deze associatie wordt de integratie van alle latente energie-werkelijkheid voortgebracht. Zij is oneindig in potentialiteit. [Ref. 13]

De twee trioditeiten zijn dus respectievelijk een Absolutum van Actualiteit en een Absolutum van Potentialiteit.

Nu gaan we weer terug naar de dualiteiten binnen de zeven absoluten: vergoddelijkt ( onvergoddelijkt en actueel ( potentieel. En wat valt jullie op?

Wanneer er (op absoluut niveau) een spanning optreedt, dan wordt deze gecompenseerd. Als gevolg van het opdelen van de actuele werkelijkheid in een vergoddelijkt deel (de Eeuwige Zoon) en een onvergoddelijkt deel (het Paradijs-Eiland) ontstaat de eerste goddelijkheidsspanning die wordt gecompenseerd door het ontstaan van de Oneindige Geest. Het zelfde geldt voor het Universeel Absolute die de spanning tussen het Godheid Absolute en het Ongekwalificeerd Absolute compenseert.

Maar als ik nu naar de Trioditeiten kijkt, dan zie ik een absolutum van actualiteit en een absolutum van potentialiteit. Levert dat dan geen spanning op? Jawel! Maar er is een probleem: op absoluut niveau is de totale ongekwalificeerde oneindigheid inmiddels al gekwalificeerd in zeven Absoluten. Er kan nu niet, om wille van de lieve vrede, even een achtste compenserende Absolute worden “bijverzonnen”.

Slide 17: De Triniteit

Maar wat God (als Triniteit) wel in al zijn wijsheid kan, is een Godheid doen ontstaan (en dit is dus een creative scheppingsdaad!) op een niveau onder het Absolute; een Godheid op het eindige niveau. En dit nu is God de Allerhoogste. [Ref. 14]

Slide 18

[Ref. 15] En met het ontstaan van de Allerhoogste is de Genesis min of meer compleet en kan het echte avontuur beginnen: de schepping in de tijd tot volle wasdom doen laten komen door het doen van de wil van de Vader.

Wat is “de kosmische alziel”?

Slide 19: Wat is 'de kosmische alziel'? (1)

God de Allerhoogste is een geschapen God. Het is dus een eindige God en kent derhalve een aanvang. De Allerhoogste is God-in-de-tijd [(1280.1) 117:2.1.]. Zie o.a. “De eindige God” in “God de Allerhoogste” [Ref. 16]

Nu we weten waar de Allerhoogste vandaan komt (de Triniteit), en wie hij is (God-in-de-tijd), kunnen we ons gaan richten op wat de Allerhoogste is: wat is de functie van “de kosmische alziel”? En ik roep nogmaals in herinnering:

Slide 20: Wat is 'de kosmische alziel'? (2)

De grote Allerhoogste is de kosmische alziel van het groot universum. [Ref. 17]

Haar meest fundamentele functie bestaat uit het omzetten van potentialiteit in actualiteit op het eindige niveau (in dit tijdvak). Dit omzetten van potentialiteit in actualiteit kennen we in het huidige universum tijdvak als groei. [Ref. 18]

Voor de sterfelijke mens staat bestaan gelijk aan groei. En dit lijkt inderdaad zo te zijn, want een bestaan dat door de geest wordt geleid, lijkt inderdaad experiëntiële groei ten gevolge te hebben. Wij geloven echter reeds lang dat de huidige groei, waardoor het bestaan van schepselen in het huidige universum-tijdperk wordt gekenmerkt, een functie is van de Allerhoogste. [Ref. 19]

Slide 21: Wat is groei? (1)

Maar wat is groei?

Daarvoor moeten we eerste naar de bron van de groei: de spanning tussen het Absolutum van Potentialiteit (de Trioditeit van Potentialiteit) en het Absolutum van Actualiteit (de Trioditeit van Actualiteit). [Ref. 20]

Wanneer en heel klein stukje potentieel (iets wat zou kunnen zijn; wat kan worden) actueel wordt (iets wat is) dan heeft er een stuk “verwerkelijking” plaats gevonden. Om dit te illustreren heb ik een ander boek mee gebracht; een magisch boek. Het staat op de kaft, dus het zal wel waar zijn: het Magisch Toverkras-Blok. En het magische aan dit boek is, dat dit boekje nog heel erg potentieel is. Op elke pagina staat wel iets, maar het is nog geheel niet duidelijk wat er zou moeten staan.

Slide 22: Wat is groei? (2)

De vooruitgaande persoonlijkheid laat een spoor na van geactualiseerde werkelijkheid wanneer zij de steeds hogere niveaus van de universa doorloopt. ... [Ref. 20]

Het symbolische equivalent van dit spoor van geactualiseerde werkelijkheid is een klein potlood krasje op een pagina van dit “Magisch Tovekras-Blok”. Laten we allemaal een klein kasje zetten in dit boekje en zo dit boekje proberen te actualiseren.

... Of zij nu uit bewustzijn, geest of energie bestaan, de groeiende scheppingen in tijd en ruimte worden gemodificeerd door de voortgang van persoonlijkheid door hun domeinen. Wanneer de mens handelt, reageert de Allerhoogste, en deze transactie vormt het feit van voortgang (= groei). [Ref. 21]

Naar de mate waarin wij de wil van God doen op welke post dan ook in het universum waar wij ons bestaan mogen hebben, in die mate wordt het almachtige potentieel van de Allerhoogste met één schrede actueler. [Ref. 22]

Maar hoe is het mogelijk dat, doordat ik groei, de Allerhoogste ook groeit? Dat met elke “transactie van voortgang” de Allerhoogste een beetje actueler wordt? Daarvoor maakt de Allerhoogste gebruik van “de grote circuits van energie, bewustzijn en geest” [(1286.5) 117:5.7].

Slide 23: Circuits (1)

[Ref. 23] Maar hoe dat precies werkt is voor de grote geesten van het univerum ook nog een raadsel. Maar doordat wij gebruik maken van die circuits, wordt de evolutie van de Allerhoogste gevoed. ‘De daad is aan ons, de gevolgen zijn voor God.’ [(1286.3) 117:5.5], staat een paar alinea’s eerder. De laatste twee alinea’s van verhandeling 117:5 leggen dat heel duidelijk uit:

Slide 24: Circuits (2)

[Ref. 24] Op deze wijze worden de veelvoudige ervaringen van de gehele schepping een deel van de evolutie van de Allerhoogste macht. Schepselen maken slechts gebruik van de kwaliteiten en kwantiteiten van het eindige bij hun opgang tot de Vader: de onpersoonlijke gevolgen van dit gebruik blijven eeuwig een deel van de levende kosmos, de Allerhoogste persoon.

Slide 25: Circuits (3)

[Ref. 25] Wat de mens zelf met zich meeneemt als een persoonlijkheidsbezit, zijn de gevolgen voor zijn karakter van de ervaring dat hij gebruik heeft gemaakt van de bewustzijns-en geest-circuits van het groot universum in zijn opklimming naar het Paradijs. Wanneer de mens beslist, en wanneer hij deze beslissing volvoert in handeling, dan ervaart de mens, en de betekenissen en waarden van deze ervaring zijn voor immer een deel van zijn eeuwige karakter op alle niveaus, van het eindige tot het volkomene. Het kosmisch-morele en goddelijk-geestelijke karakter van het schepsel vormt zijn verzamelde kapitaal van persoonlijke beslissingen, die verlicht zijn door oprechte godsverering, verheerlijkt door intelligente liefde, en geconsummeerd in broederlijke dienstbaarheid.

Afsluiting

Slide 26: Afsluiting

Graag wil ik afsluiten met een gedicht. Een gedicht dat mij aangreep; zodanig, dat ik het jaren na dato nog steeds uit het hoofd ken. Een gedicht waarvan ik voelde dat het “waar” was. Maar ook een gedicht dat knaagde omdat het ergens voor mijn gevoel niet klopte. Het gedicht gaat over God. Hoe kan God, voor mij de Universele Vader, een absolute en existentiele Godheid, afhankelijk zijn van een mens? Ik begreep het gedicht pas werkelijk toen mij duidelijk werd dat wij kinderen van de Allerhoogste zijn. Daarom wil ik het gedicht inleiden met een citaat uit het Urantia Boek:

[Ref. 26] Een van de meest boeiende vragen in de eindige filosofie is de volgende: actualiseert de Allerhoogste zich ingevolge de evolutie van het groot universum, of evolueert deze eindige kosmos progressief ingevolge de geleidelijke actualisering van de Allerhoogste? Of is het mogelijk dat zij wederzijds van elkaar afhankelijk zijn om tot ontwikkeling te kunnen komen? Dat zij evolutionaire reciproquen zijn, en de een aanzet tot de groei van de ander? Wij zijn zeker van het volgende: schepselen en universa, hoog en laag, evolueren thans binnen de Allerhoogste, en terwijl zij evolueren, verschijnt de totale som van de gehele eindige activiteit van dit universum-tijdperk. Dit nu is de verschijning van de Allerhoogste, voor alle persoonlijkheden de evolutie van de almachtige kracht van God de Allerhoogste.

 

Een wonder

 

Ik, God, heb gehoord dat jullie mensen zitten te wachten op een wonder.

Een wonder dat jullie zal verlossen van al jullie problemen en al jullie moeilijkheden.

 

Maar hoe kan Ik recht spreken zonder jullie stem?

Hoe kan Ik lief hebben zonder jullie hart?

Hoe kan Ik wonderen verrichten zonder jullie handen?

 

Niet jullie, maar Ik, zit op een wonder te wachten!

 


Referenties

Ref. 01: (1260.2) 115:1.1 ... En ofschoon deze universum-kaders voor het denken van schepselen onmisbaar zijn om op rationeel intellectuele wijze te kunnen opereren, zijn zij zonder uitzondering min of meer onjuist.
(1260.3) 115:1.2 Conceptuele universum-kaders zijn slechts relatief waar: ...
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-115-de-allerhoogste

Ref. 02: (1285.4) 117:5.1 “De grote Allerhoogste is de kosmische alziel van het groot universum.”
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-117-god-de-allerhoogste

Ref. 03: (1.6) 0:0.6 De zeven evoluerende superuniversa, tezamen met het centrale, goddelijke universum, worden door ons gewoonlijk aangeduid als het groot universum; dit zijn de scheppingen die thans georganiseerd en bewoond zijn. Deze maken alle deel uit van het meester-universum, dat tevens de nog onbewoonde maar reeds in beweging komende universa der buiten-ruimte omvat.
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/voorwoord

Ref. 04: (1.1) 0:0.1 IN HET DENKEN van de stervelingen van Urantia – dit is de naam van uw wereld – heerst grote verwarring ten aanzien van de betekenis van termen als God, goddelijkheid en godheid. Ten aanzien van de betrekkingen tussen de goddelijke persoonlijkheden die met deze talrijke benamingen worden aangeduid, heerst bij mensen nog grotere verwarring en onzekerheid. Wegens deze begripsarmoede, die met zoveel verwarring in de ideevorming gepaard gaat ...
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/voorwoord

Ref. 05:
115. De Allerhoogste
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-115-de-allerhoogste
116. De Almachtig Allerhoogste
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-116-de-almachtig-allerhoogste
117. God de Allerhoogste
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-117-god-de-allerhoogste
118. Allerhoogst en Ultiem — tijd en ruimte
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-118-allerhoogst-en-ultiem-tijd-en-ruimte

Ref. 06: (6.1) 0:3.21 Zoals een schepsel in tijd en ruimte de oorsprong en differentiatie van de Werkelijkheid zou beschouwen, bereikte de eeuwige, oneindige IK BEN Godheidsbevrijding uit de kluisters van de ongekwalificeerde oneindigheid door de uitoefening van zijn inherente, eeuwige vrije wil, en dit losmaken uit de ongekwalificeerde oneindigheid bracht de eerste absolute goddelijkheidsspanning teweeg. …
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/voorwoord

Ref. 07: (1260.4) 115:1.3 Teneinde het stervelingen gemakkelijker te maken het universum van universa te begrijpen, zijn de verschillende niveaus der kosmische realiteit aangeduid als eindig, absoniet en absoluut. Van deze is alleen het absolute onbeperkt eeuwig, waarlijk existentieel. Absoniete en eindige niveaus zijn afleidingen, modificaties, kwalificaties en verzwakkingen van de oorspronkelijke, primordiale, absolute werkelijkheid der oneindigheid.
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-115-de-allerhoogste

Ref. 08: (2.11) 0:1.11 Het eindige niveau der werkelijkheid wordt gekenmerkt door geschapen leven en door de beperkingen van tijd en ruimte. Eindige realiteiten behoeven geen einde te kennen, maar hebben altijd een begin – zij worden geschapen. Het Godheidsniveau van het Allerhoogst Bewind kan worden beschouwd als een functie met betrekking tot eindige bestaansvormen.

(2.12) 0:1.12 Het absoniete niveau der werkelijkheid wordt gekenmerkt door dingen en wezens zonder begin of einde en door het transcenderen van tijd en ruimte. Absoniete wezens worden niet geschapen; zij resulteren – zij zijn er eenvoudigweg. Het Godheidsniveau van de Ultieme houdt een functie in met betrekking tot absoniete realiteiten. Altijd en overal in het meester-universum waar tijd en ruimte worden getranscendeerd, is een dergelijk absoniet verschijnsel een daad van het Ultieme Bewind der Godheid.

(2.13) 0:1.13 Het absolute niveau kent geen beginpunten, geen einden, geen tijd en geen ruimte. Op het Paradijs, bij voorbeeld, zijn tijd en ruimte niet-existent: de tijd-ruimte-status van het Paradijs is absoluut. Dit niveau is door de Godheden van het Paradijs wel existentieel bereikt als de Triniteit, doch dit derde niveau van verenigende Godheidsuitdrukking is experiËntieel niet volledig verenigd. Altijd en overal waar het absolute niveau van de Godheid op enige wijze functioneert, zijn Paradijs-absolute waarden en betekenissen manifest.
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/voorwoord

Ref. 09: (1147.11) 104:4.1 Bij deze poging om de zeven drieËnigheden te beschrijven, wordt uw aandacht gevraagd voor het feit dat de Universele Vader het primaire lid is van elk van deze.
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-104-de-groei-van-het-triniteits-begrip

Ref. 10: (1151.1) 104:5.1 Er zijn bepaalde andere drieËnige betrekkingen die in hun samenstelling niet-Vader zijn, maar dit zijn geen werkelijke drieËnigheden, en zij worden altijd onderscheiden van de Vader-drieËnigheden. Zij worden afwisselend geassocieerde drieËnigheden, gecoÖrdineerde drieËnigheden en trioditeiten genoemd. Zij vloeien voort uit het bestaan van de drieËnigheden. Twee van deze associaties zijn als volgt samengesteld:
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-104-de-groei-van-het-triniteits-begrip

Ref. 11: (1151.6) 104:5.6 De Eeuwige Zoon is het absolutum der geest-werkelijkheid, de absolute persoonlijkheid. Het Paradijs-Eiland is het absolutum der kosmische werkelijkheid, het absolute patroon. De Vereend Handelende Geest is het absolutum der bewustzijnswerkelijkheid, de soortgenoot van absolute geest-werkelijkheid, en de existentiËle Godheidssynthese van persoonlijkheid en kracht. Uit deze drieËnige associatie resulteert de coÖrdinatie van de totale som der geactualiseerde werkelijkheid – geestelijke, kosmische en mentale. Deze is onbeperkt in actualiteit.
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-104-de-groei-van-het-triniteits-begrip

Ref. 12: (1151.7) 104:5.7 De Trioditeit van Potentialiteit. Deze trioditeit bestaat uit de associatie van de drie Absoluten van potentialiteit:

(1151.8) 104:5.8 1. het Godheid-Absolute;

(1151.9) 104:5.9 2. het Universeel Absolute;

(1151.10) 104:5.10 3. het Ongekwalificeerd Absolute.

(1151.11) 104:5.11 Aldus zijn de oneindigheidsreservoirs van alle latente energie-werkelijkheid – geestelijke, mentale en kosmische – onderling met elkaar verbonden. Door deze associatie wordt de integratie van alle latente energie-werkelijkheid voortgebracht. Zij is oneindig in potentialiteit.
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-104-de-groei-van-het-triniteits-begrip

Ref .13: (1264.7) 115:5.1 ... de geest-persoonlijkheid van God de Allerhoogste [is] afhankelijk en afkomstig van de Paradijs-Triniteit, die immer de absolute centrum-bron van volmaakte, oneindige stabiliteit blijft, rond welke de evolutionaire groei van de Allerhoogste zich steeds verder ontvouwt.
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-115-de-allerhoogste

Ref. 14: (1266.2) 115:7.1 In de Godheid van de Allerhoogste heeft de Vader-IK BEN relatief volledige bevrijding bereikt van de beperkingen die inherent zijn aan oneindigheid van status, eeuwigheid van zijn en absoluutheid van natuur. Maar God de Allerhoogste is alleen van alle existentiËle beperkingen bevrijd doordat hij zich heeft onderworpen aan experiËntiËle beperkingen die universeel functioneren.
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-115-de-allerhoogste

Ref. 15: (1280.1) 117:2.1 De Allerhoogste is God-in-de-tijd; bij hem berust het geheim van de groei van schepselen in de tijd; aan hem is ook de verovering van het onvolledige heden en de voleinding van de zich vervolmakende toekomst. En de finale vruchten van alle eindige groei zijn: kracht beheerst door geest via bewustzijn, ingevolge de verenigende, creatieve tegenwoordigheid van persoonlijkheid. De culminerende consequentie van al deze groei is de Allerhoogste.
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-117-god-de-allerhoogste

Ref. 16: (1285.4) 117:5.1 “De grote Allerhoogste is de kosmische alziel van het groot universum.”
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-117-god-de-allerhoogste

Ref .17: (1261.3) 115:2.3 Het gehele plan der schepping en evolutie van universa op alle ervaringsniveaus is klaarblijkelijk een zaak van de omzetting van potentialiteiten in actualiteiten; deze transmutatie betreft gelijkelijk de gebieden der ruimtepotentie, bewustzijnspotentie, en geest-potentie.
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-117-god-de-allerhoogste

Ref. 18: (1280.2) 117:2.2 Voor de sterfelijke mens staat bestaan gelijk aan groei. En dit lijkt inderdaad zo te zijn, zelfs in de grotere universum-zin, want een bestaan dat door de geest wordt geleid, lijkt inderdaad experiËntiËle groei – vergroting van status – ten gevolge te hebben. Wij geloven echter reeds lang dat de huidige groei, waardoor het bestaan van schepselen in het huidige universum-tijdperk wordt gekenmerkt, een functie is van de Allerhoogste. Wij zijn tevens van mening dat deze soort groei eigen is aan het tijdperk van de groei van de Allerhoogste, en dat zij zal ophouden wanneer de groei van de Allerhoogste voltooid is.

Ref. 19: (1264.7) 115:5.1 ... Ofschoon de groei van de Allerhoogste te maken heeft met betrekkingen tussen trioditeiten, ...
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-115-de-allerhoogste

(1281.4) 117:3.2 De Allerhoogste is het goddelijke kanaal waardoor de creatieve oneindigheid van de trioditeiten stroomt, en deze creatieve oneindigheid stolt in het galactische panorama der ruimte, waartegen zich het luisterrijke persoonlijkheidsdrama van de tijd afspeelt: de verovering van energie-materie door geest, door de bemiddeling van bewustzijn.
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-117-god-de-allerhoogste

Ref. 20: (1286.4) 117:5.6 De vooruitgaande persoonlijkheid laat een spoor na van geactualiseerde werkelijkheid wanneer zij de steeds hogere niveaus van de universa doorloopt. ...
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-117-god-de-allerhoogste

Ref. 21: (1286.4) 117:5.6 De vooruitgaande persoonlijkheid laat een spoor na van geactualiseerde werkelijkheid wanneer zij de steeds hogere niveaus van de universa doorloopt. Of zij nu uit bewustzijn, geest of energie bestaan, de groeiende scheppingen in tijd en ruimte worden gemodificeerd door de voortgang van persoonlijkheid door hun domeinen. Wanneer de mens handelt, reageert de Allerhoogste, en deze transactie vormt het feit van voortgang.

Ref. 22: (1278.1) 117:0.1 NAAR de mate waarin wij de wil van God doen op welke post dan ook in het universum waar wij ons bestaan mogen hebben, in die mate wordt het almachtige potentieel van de Allerhoogste met ÉÉn schrede actueler. De wil van God is het voornemen van de Eerste Bron en Centrum, zoals dit is gepotentialiseerd in de drie Absoluten, personaliseerd in de Eeuwige Zoon, vereend tot universum-actie in de Oneindige Geest, en vereeuwigd in de eeuwige patronen van het Paradijs. En God de Allerhoogste wordt thans de hoogste eindige manifestatie van de totale wil van God.
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-117-god-de-allerhoogste

Ref. 23: (1287.1) 117:5.10 Hoe registreren deze veelvoudige circuits van kosmisch dienstbetoon de betekenissen, waarden en feiten der evolutionaire ervaring in de Allerhoogste? Wij weten het niet heel precies ...
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-117-god-de-allerhoogste

Ref. 24: (1287.3) 117:5.12 Op deze wijze worden de veelvoudige ervaringen van de gehele schepping een deel van de evolutie van de Allerhoogste macht. Schepselen maken slechts gebruik van de kwaliteiten en kwantiteiten van het eindige bij hun opgang tot de Vader: de onpersoonlijke gevolgen van dit gebruik blijven eeuwig een deel van de levende kosmos, de Allerhoogste persoon.
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-117-god-de-allerhoogste

Ref. 25: (1287.4) 117:5.13 Wat de mens zelf met zich meeneemt als een persoonlijkheidsbezit, zijn de gevolgen voor zijn karakter van de ervaring dat hij gebruik heeft gemaakt van de bewustzijns-en geest-circuits van het groot universum in zijn opklimming naar het Paradijs. Wanneer de mens beslist, en wanneer hij deze beslissing volvoert in handeling, dan ervaart de mens, en de betekenissen en waarden van deze ervaring zijn voor immer een deel van zijn eeuwige karakter op alle niveaus, van het eindige tot het volkomene. Het kosmisch-morele en goddelijk-geestelijke karakter van het schepsel vormt zijn verzamelde kapitaal van persoonlijke beslissingen, die verlicht zijn door oprechte godsverering, verheerlijkt door intelligente liefde, en geconsummeerd in broederlijke dienstbaarheid.
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-117-god-de-allerhoogste

Ref. 26: (1281.2) 117:2.9 Een van de meest boeiende vragen in de eindige filosofie is de volgende: actualiseert de Allerhoogste zich ingevolge de evolutie van het groot universum, of evolueert deze eindige kosmos progressief ingevolge de geleidelijke actualisering van de Allerhoogste? Of is het mogelijk dat zij wederzijds van elkaar afhankelijk zijn om tot ontwikkeling te kunnen komen? Dat zij evolutionaire reciproquen zijn, en de een aanzet tot de groei van de ander? Wij zijn zeker van het volgende: schepselen en universa, hoog en laag, evolueren thans binnen de Allerhoogste, en terwijl zij evolueren, verschijnt de totale som van de gehele eindige activiteit van dit universum-tijdperk. Dit nu is de verschijning van de Allerhoogste, voor alle persoonlijkheden de evolutie van de almachtige kracht van God de Allerhoogste.
www.urantia.org/nl/het-urantia-boek/verhandeling-117-god-de-allerhoogste

 


 Home | Sitemap | Laatste wijziging: 15 maart 2019